Vier kinderen in een tropische tuin: twee Europese kinderen met twee Indische baboes (kindermeisjes). Met blauwe inkt op de voorzijde bijgeschreven: ‘Gretha en Piet Kieft met 2 baboes’. Nederlands-Indië; fotograaf niet bekend.
Een gezin op de veranda van een woning met tropische beplanting: een man in wit tropentenue, een vrouw en drie jongens in matrozenpak. Nederlands-Indië; fotograaf en namen niet bekend.
Een familiegroep — een man met snor, een oudere vrouw en twee jongere vrouwen, met een klein wit hondje — gefotografeerd bij atelier Joseph Swaab te ‘s-Hertogenbosch. Namen niet bekend. Behoort tot een reeks van vier opnamen van dezelfde familie in deze collectie.
Dezelfde familie als op de andere Swaab-opnamen in deze collectie, ditmaal geschikt rond een tafeltje. Atelier Joseph Swaab, ‘s-Hertogenbosch. Namen niet bekend.
Familieportret rond het echtpaar Combertus Pieter Burger (1825–1908) en Maria Agnes Haasloop Werner (1825–1881), gemaakt bij hoffotograaf Th. M. Staas te Leeuwarden. Combertus Pieter Burger promoveerde in 1851 te Leiden tot doctor in de natuurwetenschappen en was achtereenvolgens leraar en lector in Elburg, Gouda, Zutphen en Delft, hoogleraar aan de Polytechnische School (1864–1867) en van 1867 tot 1892 directeur van de Rijks Hoogere Burgerschool te Leeuwarden, waar hij zijn hoogleraarstitel behield. Hij gold als een gezaghebbend pedagoog, was meermaals voorzitter (en later erelid) van de Vereeniging van leeraren bij het M.O. en publiceerde onder meer de veelgebruikte Gronden der wiskundige aardrijkskunde. Nog op tachtigjarige leeftijd nam hij het initiatief tot een onderzoek naar onderwijs aan achterlijke kinderen. Het paar kreeg tussen 1853 en 1869 twaalf kinderen: Dionijs (1853–1875), Herman Gottfried (1855–1860), Huibert (1856–1946), Combertus Pieter jr. (1858–1936), Karel (1859–1949), Adriaan (1862–1937), Antonia Jakoba (1867–1933) en Wilhelmina Louise Petronella (1869–1900) behoorden daartoe. Na het overlijden van zijn vrouw hertrouwde Burger in 1883 met Maria Louise Suringar.
Familieportret van Joannes Jacobus Harte (1823–1869) en zijn echtgenote Anna Maria Theresia Mitschke (1826–1890), met hun negen kinderen. Onder hen bevindt zich de latere politicus en minister Joannes Josephus Ignatius (Jan) Harte van Tecklenburg (1853–1937) — hier nog als kind, niet als staande vader op deze foto. Harte van Tecklenburg werd een ambitieus rooms-katholiek politicus: aanvankelijk behorend tot de conservatieve vleugel, later Schaepmanniaan. Dankzij zijn huwelijk met een dochter van margarinefabrikant Jurgens werd hij Kamerlid voor het district Grave. Hij gold als financieel specialist van de katholieken en was van 1901 tot 1905 minister van Financiën in het kabinet-Kuyper; zijn voorstel voor een protectionistische Tariefwet kwam te laat om nog te worden afgehandeld. Hij sloot zijn loopbaan af met zesentwintig jaar lidmaatschap van de Raad van State. Tijdgenoten omschreven hem als kaarsrecht, zelfingenomen en wat pedant. (Zie ook zijn portretten in kostuum elders in deze collectie.)
De negen kinderen: Joannes Josephus Ignatius Harte van Tecklenburg (1853–1937), Joseph Maria Petrus Harte (1855–1937), Petrus Joannis Antonius Harte (1856–1931), Wilhelmus Petrus Antonius Harte (1859–1933), Wilhelmina Maria Elisabeth Harte (1860–1945), Johanna Clementia Maria Harte (1863–1936) en Vincentius Florian Alouisius Harte (1865–1885).
Gustav Albert Lüssow was omstreeks 1863–1889 als fotograaf werkzaam aan de Keizerstraat te Utrecht (bron: RKD).
Een soldaat, een zittende vrouw en een man in Highland-uniform — stijl komt overeen met de portretten van McFarlane, Crieff (Schotland), mogelijk dezelfde familie of set, maar geen atelierstempel zichtbaar op deze afdruk.
Een grote groep van ruim tien jongelui, buiten in het bos, informeel gegroepeerd — vermoedelijk een uitstapje of picknick. Namen en fotograaf zijn niet bekend.
Een groep van vijf mannen met hoeden, deels zittend op een straatje van kinderkopjes — een informeel vriendengezelschap. Namen en fotograaf zijn niet bekend.
Een informele groep jongelui, ontspannen liggend en leunend onder een tentzeil of grote parasol — een picknieksfeer. Namen en fotograaf zijn niet bekend.